Aan actualisering en verbetering van de inhoud wordt nog gewerkt

Financiën

De wettelijke regels voor huurbescherming zijn er om de huurder van woonruimte te beschermen. Heeft de verhuurder de huur opgezegd en gaat de huurder akkoord, dan wordt de huurovereenkomst beëindigd. In het geval de huurder niet instemt met de beëindiging blijft de huurovereenkomst van kracht. De huurder mag dan in de woning of kamer blijven. De verhuurder kan de huurder er alleen uitzetten als de kantonrechter dit goedkeurt. Bepalingen in een huurovereenkomst, waardoor de overeenkomst tegen de zin van de huurder zou kunnen eindigen zonder tussenkomst van de rechter, zijn niet geldig en hebben geen enkele effect. De huurbeschermingsregels gelden o.a. niet voor vakantiehuisjes, woonschepen en woningen die voor de sloop bestemd zijn.

Als een huurwoning verkocht wordt gaat de huurovereenkomst over op de nieuwe eigenaar. De nieuwe eigenaar kan niet opzeggen wegens dringend eigen gebruik.

Er zijn vijf wettelijk gronden waarop de huur door de verhuurder kan worden opgezegd:

  • De huurder gedraagt zich niet als een goed huurder; hij komt zijn verplichtingen niet na.
  • De woonruimte was tijdelijk verhuurd (klik hier).
  • De huurder gaat niet akkoord met een redelijk voorstel om de huurovereenkomst te veranderen (uitgezonderd een voorstel tot huurverhoging, behalve bij geliberaliseerde huurwoningen).
  • De verhuurder heeft de woning dringend nodig voor eigen gebruik.
  • De verhuurder wil een geldend bestemmingsplan wijzigen waardoor het noodzakelijk is dat de huurder de woning verlaat.

In de laatste twee gevallen kan de huurder een vergoeding voor verhuis- en inrichtingskosten van de verhuurder eisen.

Voor meer informatie over kamers bij een hospita klik hier.

(zie verder De Grote Almanak voor Informatie en Advies onder huurbescherming).

info