Aan actualisering en verbetering van de inhoud wordt nog gewerkt

Financiën

Het komt incidenteel voor dat op het moment dat een prestatiebeursstudent een diploma behaalt dat recht geeft op omzetting van een bepaald aantal maanden prestatiebeurs, nog niet al die prestatiebeursmaanden zijn verbruikt. Dit kan zich voordoen in de volgende situaties:

  • De student studeert eerst als deeltijdstudent en schrijft pas later in als voltijdstudent
  • De student voldoet pas op een later moment in de studie aan de nationaliteitseis van de wet studiefinanciering
  • De student had vanwege zijn leeftijd pas op een later moment in de studie recht op studiefinanciering
  • De student had veel vrijstellingen waardoor hij eerder afstudeert.

Een voorbeeld ter verduidelijking:

Student Z heeft als volgt ingeschreven gestaan:

1995-1996 HBO (geen studiefinanciering vanwege het feit dat betrokkene pas in augustus 1996 18 jaar werd; destijds was er nog een ondergrens voor de studiefinanciering van 18 jaar)

1996-1997 HBO + studiefinanciering vanaf 1 oktober 1996

1997-1998 HBO + studiefinanciering

1998-1999 HBO + studiefinanciering; einddiploma HBO op 31 augustus 1999

Per 1 september 1999 heeft student Z 35 maanden prestatiebeurs verbruikt; het einddiploma HBO geeft echter recht op omzetting van maand 1 t/m 48.

Hoe zit het nu met deze "niet verzilverde" rechten als een student een vervolgstudie aanvangt, bijvoorbeeld aan de universiteit. Stel dat student Z in het studiejaar 1999-2000 doorstudeert aan de universiteit. In dat geval wordt de resterende prestatiebeurs (maand 36 t/m 48) maandelijks direct als gift uitgekeerd. Er is namelijk al aan de prestatienorm voldaan.

Art. 5.7, tweede lid, WSF 2000

info