Aan actualisering en verbetering van de inhoud wordt nog gewerkt

Financiën

De student valt onder de prestatiebeurs (2004-2005 of later). Hij ontvangt de studiefinanciering eerst als rentedragende lening. Bij bepaalde studieprestaties wordt deze omgezet in een gift, waarbij de rente wordt kwijtgescholden.

In de studiejaren waarin hij recht heeft op een prestatiebeurs:

  • Basisbeurs: hij moet een erkend einddiploma in het hoger onderwijs behalen binnen de diplomatermijn van 10 jaar. Behaalt hij een einddiploma, dan wordt de basisbeurs omgezet in een gift. Hoeveel maanden er worden omgezet is afhankelijk van het diploma.
  • Studentenreisproduct : de eisen zijn gelijk aan die van de basisbeurs. Bij onvoldoende prestaties moet de student € 91,17 (norm 2012) per maand betalen over alle maanden dat gebruik is gemaakt van het studentenreisproduct in de betreffende periode. Dit geldt ook voor de leenperiode.
    Uitzondering: vanwege de problemen bij de invoering van de Studenten OV-chipkaart begin 2010 is het studentenreisproduct voor alle studenten voor de maanden januari en februari 2010 omgezet in een definitieve gift.
  • Aanvullende beurs: heeft de student tijdens de eerste 5 maanden studiefinanciering ook een aanvullende beurs? Dan ontvangt hij deze beurs meteen als gift, onafhankelijk van de studieprestaties in het eerste jaar waarin hij studiefinanciering ontvangt voor het hoger onderwijs.

    Na de 5e maand ontvangt hij de aanvullende beurs als rentedragende lening die pas gift wordt bij voldoende studieprestaties. De eisen zijn gelijk aan de eisen voor de basisbeurs. Haalt hij geen diploma (of niet binnen de diplomatermijn) dan blijft de aanvullende beurs een rentedragende lening, die hij later moet terugbetalen.

    Voor studenten die voor 1 september 2010 al studiefinanciering ontvingen is de aanvullende beurs van de eerste 12 maanden een gift. Door een wetswijziging op 30-11-2010 is dit aantal maanden teruggebracht naar 5 voor degenen die op/na 1 september 2010 voor het eerst studiefinanciering ontvingen.

Uitzondering: zie o.a. 3.7.1 en 5.1

Let op: woont de student niet meer thuis bij zijn ouders (of bij één van hen)? En wil hij dus de hogere basisbeurs + aanvullende beurs voor uitwonenden ontvangen? Hij heeft alleen recht op dit hogere bedrag van de uitwonenden beurs als hij bij de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA) op het 'uitwonendenadres' (meestal het kameradres) staat ingeschreven.

info