Aan actualisering en verbetering van de inhoud wordt nog gewerkt

Studieloopbaan en persoonlijke omstandigheden

Hierbij gaat het om het recht op toegankelijkheid, doorgankelijkheid en bruikbaarheid van alle gebouwen en onderdelen van gebouwen en de buitenruimten van de universiteit of hogeschool. Om recht te hebben op voorzieningen ten behoeve van de toegankelijkheid moet men altijd aan nadere voorwaarden voldoen. Relevante wetgeving is het Bouwbesluit 2003, de Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk Onderzoek (WHW) en de Wet Gelijke Behandeling op grond van een handicap of chronische ziekte (WGBh/cz).

Elke ingeschreven student heeft recht op toegang tot de bij de instelling behorende inrichtingen en verzamelingen en het recht gebruik te maken van andere ten behoeve van studenten getroffen voorzieningen (WHW art 7.34 lid 1c en d).

Hierbij gaat het niet alleen om de toegankelijkheid en bruikbaarheid van de onderwijsgebouwen, maar tevens de kantinevoorzieningen, ruimten van studentenverenigingen en de eigen sportieve en culturele accommodaties van de onderwijsinstelling. Ook de complete informatievoorziening (denk ook aan de digitale informatievoorziening) en de bruikbaarheid van apparatuur (van computer tot kopieerapparaat tot snoepautomaat) dient toegankelijk te zijn. Veiligheid is een aspect van toegankelijkheid.

Normen voor toegankelijkheid zijn te vinden in het Bouwbesluit 2003.

De norm Toegankelijkheid van gebouwen en buitenruimten staat in NEN 1814 van het Nederlands Normalisatie Instituut. De normen staan beschreven in het Handboek voor Toegankelijkheid. Ook is er een ITS-norm (Internationaal Toegankelijkheid Symbool).

info